Auteurswet

De parochie en de auteurswet

*  Parochies worden bewust en onbewust met de auteurswet geconfronteerd.
*  De bekendste organisaties die auteursrechtelijk werk beschermen zijn BUMA en STEMRA.
*  De auteurswet is uitgebreid en ingewikkeld.
Wat mag wel en wat mag niet?
Lees dit korte artikel met simpele en glasheldere antwoorden!
1. Gedacht vanuit de concrete activiteiten van parochies legt Marc Schaap
in dit artikel uit of je met de auteurswet wordt geconfronteerd en wat je dan moet doen.
2. Daarnaast lees je een eenvoudige strategie: "De weg naar een legale koorbibliotheek"

Omgang met de auteurswet door R.K.-parochiebesturen en koren

Parochies komen in aanraking met de auteurswet op het moment dat zij teksten en/of bladmuziek willen vermenigvuldigen/kopiëren. Onder bladmuziek wordt verstaan elke schriftelijke vastlegging van (teksten en) muzieknotatie zoals in lied- en koorbundels, (verzamel)partituren en koorpartituren van welke uitgever dan ook.

Hieronder volgt een beschrijving van de regeling op hoofdpunten die zich beperkt tot datgene waarmee parochies in de zin van de auteurswet worden geconfronteerd. (o.a. afdrukken van teksten en/of muzieknotatie in liturgieboekjes; kopiëren van (koor-)partituren)

Voor een gedetailleerde beschrijving van de auteurswet en jurisprudentie zij verwezen naar www.cedar.nl. Voor specifieke vragen t.a.v. de koorpraktijk zij verwezen naar www.anniebank.nl.

Het illegaal vermenigvuldigen van auteursrechtelijk beschermd werk en/of officiële uitgaven is opgenomen in het wetboek van strafrecht en wordt derhalve gezien als een misdrijf.

Uitgangspunten

Vermenigvuldigen van auteursrechtelijk beschermd werk en/of officiële uitgaven is altijd verboden.
Als een tekstdichter of een componist langer dan 70 jaar geleden is overleden, vervalt het auteursrecht.

Belangrijk

Uitgevers vertegenwoordigen en beschermen de belangen van tekstdichters en componisten. Tekstdichters en componisten krijgen een percentage van de opbrengsten van de verkoop van hun teksten/muziek van de uitgever.
Het zogenaamde ‘beeldrecht’ (of ‘portretrecht’) berust bij de betreffende uitgever zelf: het ‘beeld’ is de zichtbare presentatie, de lay-out, van tekst en muziek op papier zoals de uitgever deze heeft ‘gezet’ en vormgegeven.
Kopiëren van officiële uitgaven is altijd verboden zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever.
De rechten op teksten en composities gelden tot 70 jaar na de dood van de betreffende tekstdichter en componist. Daarna gaan deze teksten en composities behoren tot het zogenaamde ‘publiek domein’. Iedereen mag er vrijelijk over ‘beschikken’, d.w.z. het werk overschrijven vanuit de bron, uitgeven en uitvoeren. Kopiëren van een bestaande uitgave van een werk uit het publiek domein blijft verboden: de uitgave is namelijk eigendom van de uitgever. Niet alleen het ‘beeld’, maar ook eventuele toevoegingen, kritische noten, wijzigingen e.d. – voortvloeiend uit wetenschappelijk onderzoek – zijn bezit van de betreffende uitgever.
Als een werk niet meer wordt uitgegeven, dient men bij de oorspronkelijke uitgever schriftelijk toestemming te verkrijgen om het betreffende werk te mogen vermenigvuldigen.

Wat wel mag

Binnen de kerkmuren en ten dienste van liturgische vieringen in de breedste zin van het woord mag alle muziek worden uitgevoerd, omdat het recht van uitvoering (onder genoemde voorwaarde) jaarlijks wordt afgekocht door de R.K.-Kerk.

Let wel goed op, want ‘uitvoeren’ betekent in dit geval dat ensembles (doorgaans de koren) van officiële partituren de muziek reproduceren, dus zelf weer tot klinken brengen. Een CD draaien tijdens een viering is een andere wijze van ‘uitvoeren’, waarvan de rechten (bij STEMRA!; niet: BUMA!) weer niet zijn afgekocht. Kortom, draait men een CD, dan moet men betalen aan STEMRA.

Als de tekstdichter 70 jaar of langer geleden is overleden, mag de tekst worden overgeschreven. Als de componist 70 jaar of langer geleden is overleden, mag de compositie worden overgeschreven vanuit de bron, de zogenaamde oertekst. Wie auteursrechtelijk beschermde teksten en/of muzieknotatie toch wil afdrukken voor een eenmalige gelegenheid (b.v. in een liturgieboekje voor het naamfeest van de parochie) moet vooraf een schriftelijke toestemming hebben van de uitgever(s). (Ook bij verleende toestemming geldt dan dat tekst en muzieknotatie moeten worden overgeschreven. Kopieert men toch, dan schendt men het zogenaamde ‘beeldrecht’ van de uitgever en begaat alsnog een overtreding.) De uitgever Gooi en Sticht kent het zogenaamde ‘legaal kopierecht’. Na schriftelijke toestemming van deze uitgever en na betaling van het verschuldigde bedrag mag men een afgesproken aantal kopieën maken van een bepaald lied/werk. Daarbij dient de uitgever en de toestemming van de uitgever uitdrukkelijk vermeld te worden op elke kopie. Regel is daarbij dat men in het bezit is van minimaal één partituur en één koorpartituur. Gooi en Sticht is daarmee – tot nu toe – de enige uitgever die daarmee het eigen beeldrecht heeft vrijgegeven. Dezelfde uitgever is onlangs overgegaan op een nieuwe werkwijze: het zogenaamde POD (Printing on demand). Men kan dan tegen betaling een of meerdere partituren downloaden vanuit de eigen computer.

Hardnekkige misverstanden

1. Misverstand: “Door een werk over te schrijven;
iets in teksten of muzieknotatie te veranderen;
meerdere wijzigingen door te voeren en zichzelf als bewerker te betitelen;
de vermelding van de oorspronkelijke uitgever te verwijderen;
unieke (partituur-)uitgavegegevens te verwijderen,
wordt de compositie mijn eigendom en mag het gekopieerd worden.”
Een of meerdere van deze veranderingen leiden niet tot eigendomsoverdracht. Men is derhalve in overtreding en in sommige gevallen pleegt men daarenboven plagiaat.

2. Misverstand: “Het recht om te kopiëren is centraal afgekocht. Alle kopieën in de koorbibliotheek zijn daarom legaal; er hoeft geen bladmuziek te worden aangekocht…”
Alleen het uitvoeringsrecht is inderdaad afgekocht (zie boven). Een afkoopregeling om te mogen kopiëren zou het legaliseren van een misdrijf betekenen. Dat zal nooit gebeuren. Koren en andere uitvoerenden moeten altijd in het bezit zijn van de officiële aangekochte bladmuziekuitgaven. Geen enkele uitvoerende mag van een kopie gebruik maken.

3. Misverstand: “Men kent de herkomst van een gekopieerde compositie niet. Men wil de compositie wel voor alle koorleden beschikbaar maken. Als de uitgever niet achterhaald kan worden, mag het gekopieerd worden…”
Het feit dat de oorspronkelijke uitgever niet te achterhalen is, is geen geldige reden om te mogen kopiëren. Als de herkomst onbekend blijft, kan men het betreffende werk niet gebruiken.

De weg naar een legale koorbibliotheek: een strategie
M.u.v. kopieën in de koorbibliotheek waar een schriftelijke toestemming voor is gegeven, zijn alle eventuele kopieën illegaal. Alle kopieën meteen weggooien en daarvoor in de plaats de officiële bladmuziek aanschaffen, lost het probleem in een keer op. Dat kan echter een dure operatie zijn. Alles weggooien en daarmee deels vleugellam raken door gebrek aan bladmuziek is geen aantrekkelijke oplossing. In een aantal fases kopieën vervangen voor originelen is dan de meest begaanbare weg.

De strategie

  • Loop de hele muziekbibliotheek door en vernietig meteen wat feitelijk niet meer wordt gezongen;
  • Loop de hele muziekbibliotheek door en bekijk wat regelmatig/vaak wordt gezongen/uitgevoerd en koop dat meteen ‘officieel’;
  • Vernietig alle eventueel andere aanwezige illegale kopieën, maar bewaar van elk werk één exemplaar om te voorkomen dat het betreffende werk als repertoire van het koor verloren gaat;
  • Leg het probleem voor aan het kerkbestuur en spreek met de bestuurders een jaarlijks budget af  ter vervanging van illegale kopieën en om de bibliotheek in de toekomst verder legaal aan te vullen met nieuw materiaal. Kerkbestuurders hebben er recht op om het probleem te kennen, aangezien zij als de verantwoordelijke bestuurders in een parochie daarop ook uiteindelijk aansprakelijk zijn;
  • Als de herkomst van een kopie niet is af te lezen op de kopie, kan men de betreffende kopie opsturen naar uitgeverij Annie Bank. Deze uitgever is bereid om te trachten de herkomst van het werk te achterhalen onder de voorwaarde dat het betreffende werk dan wel wordt aangeschaft bij/via deze uitgever. Bij uitgeverij Annie Bank kunnen ook alle uitgaven van andere uitgevers – met name ook de meeste buitenlandse uitgevers – worden besteld. Als ook de uitgever zelf echter de herkomst niet meer kan achterhalen, dan kan men van de betreffende compositie geen gebruik meer maken.
  • In parochiesamenwerkingsverbanden kan men overwegen of er een centrale muziekbibliotheek kan worden opgebouwd ten dienste van alle koren binnen het samenwerkingsverband. Per koorsoort zou dan moeten worden geïnventariseerd welke werken in welke hoeveelheden moeten worden aangekocht. Met een goede afstemming kan voorkomen worden dat twee koren hetzelfde werk programmeren op dezelfde dag of het langdurig in studie nemen terwijl het andere koor het uit wil voeren. Composities (met name ‘missen’ en werken verbonden aan een bepaalde liturgische tijd) die regelmatig en gelijktijdig door beide koren worden uitgevoerd en vast op het studierooster staan van beide koren, dienen in voldoende hoeveelheden aanwezig te zijn. Minder vaak gezongen repertoire kan wel ‘enkelvoudig’, voor één koorgroep, worden aangeschaft. Abonnementen en boekwerken met achtergrondinformatie betreffende liturgie en kerkmuziek kunnen enkelvoudig worden aangekocht.


10-09-2007
Marc Schaap, Coördinator NSGV

Afdrukken E-mail

footerlogo2016